Vrijetijdsbesteding

Vrijetijdsbesteding

Over het algemeen hadden we veel vrije tijd, maar dat kon ook sterk wisselend zijn, dit was erg afhankelijk van de dienstopdrachten, zowel voor transport als werkplaats. Het stafplt. en de verzorging waren veel meer aan vaste werktijden gebonden dan de andere pelotons. De ligging van Ned.Indië op deze globe brengt nu eenmaal met zich mee dat het ’s morgens vroeg licht is, maar ’s avonds ook vroeg donker, zo tussen 18.30 en 19.oo u. is het na een hele korte schemering helemaal donker.  Daar moesten we even aan wennen maar dat was al heel gauw heel gewoon.  Maar er bleef ruim voldoende tijd over om zelf in te vullen. Onze werkdag begon dan ook vroeg en eindigde ook vroeg (ik gebruik de werkplaats maar even als gemiddeld voorbeeld), ik meende ’s middags om 14.30 u. dat het al einde werkdag was, en eigenlijk verplicht rusten, maar velen genoten vanaf dat moment al van hun vrije tijd, en gingen de stad in naar kennissen een borrel of koele dronk halen Maar er was dan nog heel wat te doen, regelmatig waren er competities door de brigade georganiseerd zoals voetbal, volleybal, badminton, zwemmen enz .  We hadden ook een eigen weekblad van de A-A-T, “De Bougie”,

hierin werden alle activiteiten regelmatig vermeld, zie hier, het gaat natuurlijk te ver om al die bladen te kopiëren en te publiceren, Je ziet, dit is nog een van de eerste uitgaven, de eerste nrs hadden een vraagteken als kop, toen werd het “Convooi “. Ook Indische en Chinese winkeliers en zakenlui wisten gebruik te maken van dit blad om hun advertenties te plaatsen, Het gecontroleerde gebied rond Buitenzorg was in het begin niet zo groot maar toch gingen we wel uitstapjes maken richting Sukaboemie en Candjoer en naar Priok naar het strand van “Zandvoort” en natuurlijk de plantentuin was een groot wandelgebied. je kon daar prachtige foto's maken uit een grote keus van tropische bloemen en planten, en mensen !

Gezien in een kampong, waterleiding toevoer en /of afvoer.

Denksport nam ook een belangrijke plaats in, hierna volgen een aantal mededelingen van wedstrijden en competities. Ook de felicitaties van week naar week werd nooit overgeslagen in “De Bougie” en in 1947 waren daar leuke bij, we waren nog niet zo lang van huis, niet waar ! ! Ook over sport en vrijetijdsbesteding kan “De Bougie“ ons het meeste laten zien, hierna volgen een aantal fragmenten.

Hier een foto van een doorkijjkje achter de Paleistuin.

 

 

   

  

 

uit de strip van, Taaie en Neut       

  

 

Dit zijn een aantal artikeltjes uit oude “Bougie’s”allemaal uit  1947. Daarna kwam nog 1948 en 1949, de vrijetijdsactiviteiten werden nog verder uitgebreid. De verveling ook, vooral in 1949. Ook dit is natuurlijk maar weer een greep uit de vele recreatieve mogelijkheden

 

Hier een foto van een doorkijkje achter de Paleistuin.

 

In de werkplaats was modelbouw een mooie bezigheid, twee drietonners en een JEEP werden op schaal tot in detail nagebouwd door, Jan v.Essen Cor Rietveld en Thijs Bording. 

         

       

 

Voetbalcompetitie in Garoet, 1e en 2e Brigade, De beker gewonnen door 1-1-A.A.T.

                        

Een dagje Tjililitan.

 

Dit zijn een aantal artikeltjes uit oude “Bougie’s”allemaal uit  1947. Daarna kwam nog 1948 en 1949, de vrijetijdsactiviteiten werden nog verder uitgebreid. De verveling ook, vooral in 1949. Ook dit is natuurlijk maar weer een greep uit de vele recreatieve mogelijkheden.

  (letterlijk op de hangbrug.)

  

Meer ontspanning  !

Naast de hiervoor genoemde georganiseerde sportbeoefening zowel buiten als binnen, denk aan voetbal, volleybal, badminton, en dammen, schaken, klaverjassen etc. waren er nog heel veel mogelijkheden om de vrije tijd te vullen, en dikwijls had het ook niets met vrije tijd te maken. Al vrij snel waren de diverse pelotons, die weer onderverdeeld waren in secties vrij hechte groepen, weer onderverdeeld in kleinere vriendengroepjes. Als het er op aan kwam stond men als een hechte groep naast elkaar, maar daarnaast als het even kon liet men de kans niet ontgaan om elkaar flink in de maling te nemen, ook de officieren ontkwamen hier niet aan, vaak pakte dat nog wel goed uit maar het kwam ook wel eens minder welgevallig. Laat ik eens een paar voorvallen optekenen (die zijn niet nu ineens aan het brein ontsproten maar lagen al heel lang opgetekend ). Op de legerplaats “tangsie” (kamp) De Vries werden de wachtdiensten van tijd tot tijd uitgevoerd door de jongens van de transportpeloton, het achterterrein, al eerder omschreven, gaf een groot donker uitzicht te zien over de kampong. Er werd alleen‘s nachts wacht gelopen, er was weinig te zien, soms kon je de contouren van de Gunung- Gedeh zien, een prachtig tropisch landschap. De posten waren ingedeeld met twee man, vaak viel er weinig te beleven.  Soms als het regende, en dat kwam nogal eens voor, ontstonden er grote modderige plassen. Op een avond laat bleek dat weer het geval te zijn, en op die avond stonden er twee jongens van het B-peloton op wacht. De modder in de plas was nog even extra los gemaakt, om de troep nog wat dieper en smeuïger te maken. Stel je voor een plas van een paar meter lengte, in momenten van spanning kon je er niet omheen, juist je moest er ……. Het spel kon beginnen, de wachten gingen opzij voor de plas staan en gaven een paar salvo’s af, en ja hoor daar kwamen de officieren in gebukte houding uit hun nabij gelegen verblijf toen ze vlakbij de plas waren, die ze niet zagen van het ligt in het donker, gaven de wachten nog een paar vuurstoten, ja en toen gebeurde het, de officieren gingen in dekking, lieten zich voorover vallen…… er heeft geen Indonesiër van wakker gelegen, maar onze drie leidinggevenden moesten alle drie in een manditon, en de baboes hadden er dagwerk aan om de zaken weer in fatsoen te brengen. De veroorzakers van deze grol zijn bij de redactie bekend, en kunnen op verzoek bekend gemaakt worden… Ik zou dit spanning bij ontspanning willen noemen.   

Ular besar, adu kasian toean !

Een van de chauffeurs, ik meende van het B-peloton, was geen slechte jongen, maar hij stond bekend om zijn fantastische verhalen en wat voorbarige soms fantastische intimiderende uitspraken. Deze jongeman (toen nog wel maar is inmiddels overleden) moest dus een lesje gegeven worden maar hoe pak je dat aan? Een prachtig toeval zorgde voor de oplossing. Het zal bekend zijn dat in Indië, vooral ’s avonds als de dag over gaat naar de nacht, allemaal insecten en insecteneters uit hun schuilplaats komen en hun nachtleven begonnen. Natuurlijk zijn er muskieten en ander stekend en fladderend onheil, maar tjitjaks en tokkhe slangen groot en klein en al dat soort gedoe, waar we onbekend mee waren, zouden we leren kennen, en liefst bleven we op een afstand want volgens de verhalen was de een nog gemener en giftiger dan de ander. Maar volgens zijn eigen uitspraken was onze kandidaat nergens bang voor en dorst hij alles aan te pakken, dus voor een verwijderingsklusje van dit soort ongerief werd chauffeur X er bij geroepen, die overigens met zijn medestrijders ook niet zachtzinnig omging, en vaak aanleiding tot iritatie gaf. Op een dag gingen twee van onze chauffeurs voor een rit naar de Wijnkoopsbaat met een vracht voor de Grenadiers die daar gelegerd waren. Terwijl de wagen werd gelost zaten onze chauffeurs aan een heerlijke rijstmaaltijd. Op de terugweg zagen ze ineens een grote slang op de weg liggen, stoppen dus, maar het beest was al dood. Het was een beest van bijna 2 meter, mooi geel en donker van kleur. Het plan was gauw gemaakt, de slang ging mee en ‘s avonds in het donker werd het dooie beest over het stuur en de stoel van X  zijn wagen gedrapeerd zodat het echt leek. De volgende dag al vroeg had  X  een rijopdracht, de andere jongens zaten met spanning te wachten wat er zou gebeuren. X stapte in zijn wagen en wilde gaan zitten, het was nog half donker. Gillend en schreeuwend sprong hij naar buiten, ER ZIT EEN SLANG IN MIJN AUTO hij dorst aanvankelijk niet meer terug te gaan. Onze vriend X  met zijn grote mond was dus duidelijk niet bang voor kleine levende beest(jes)en, maar voor grote dooie beesten was hij als de dood. En natuurlijk heeft dit dan weer zijn nasleep, maar ook dit is onderlinge ontspanning, voorvallen waar je later nog lang over na kunt praten, en geven dan weer reacties. Dit zal dan niet direct onder de noemer vrijetijdsbesteding vallen, maar het geeft wel de nodige ontspanning, wat ook hard nodig was, omdat soms de spanningen hoog opliepen door werkdruk en andere situaties. 

A.M.V.J.    (internationaal conferentie- en ontspanningscentum ) Dit gebouw lag niet zo ver bij ons vandaan, op de hoek van de Postweg – Bantammerweg. Hier werden regelmatig cabaret- en muziekavonden gegeven door NIWIN-gezelschappen uit Holland die op tournee waren door Java en Sumatra.  

De Recreatiebus

Een storewagen, een hoge Engelse Fordson, werd omgebouwd als recreatiebus. De bedoeling was dat de bus op de namiddag en avond gebruikt zou worden voor vrijetijdsvervoer naar b.v. de bioscoop of naar relaties in een ander deel van de stad. Die relaties waren dan vaak Indische vriendinnetjes. Veel jongens waren er op uit om kennis te maken met een particulier gezin, om ’s avonds ergens naar toe te kunnen gaan om een borrel of koffie te kunnen drinken. Willem de Leeuw was de vaste chauffeur op de bus, maar hij wilde ook wel eens een vrije avond en vroeg dan iemand anders om de bus te rijden. Zo kwam het dat wij regelmatig “busdienst” hadden. Rijdend bij avond door de diverse wijken, westers en Indisch en Aziatisch, zagen we veel gezellige waranda’s met heel mooie meisjes. We zagen ons daar al tussen zitten, luid claxonerend reden we dan langs, door ons gebaar trokken we de aandacht en nodigden we ons zelf min of meer uit, op een avond hadden we succes (dachten we), we reden weer door een leuke omgeving, en ja hoor, daar stonden twee dames bij de ingang van een mooie bungalow, de wagen langs de kant en ze vroegen ons om wat te komen drinken, maar natuurlijk dat was de bedoeling van onze investering, wij hadden het voor elkaar. Op de waranda zat verder niemand, dus we zaten gebeiteld, en we dachten dus dat we met zijn beiden waren uitgenodigd.  Maar van de waranda ging de deur naar de kamer open,  en daar zat, zeg maar gerust de halve Irenebrigade. Dit was natuurlijk even slikken, en als A.A.T.-er laat je je niet kennen. Er werden twee stoelen bij geschoven en ons werd gevraagd een glaasje stroop mee te drinken, maar ja natuurlijk, lekker ! ! (stroop, mierzoete limonade, gemaakt van ?? alleen de kleur al nodigt je uit om het niet te drinken). We hadden eigenlijk op heel iets anders gerekend dus meedoen en opdrinken maar, zo erg was dit nu ook weer niet. Nee het ergste kwam nog. Achter in de kamer liep steeds een jongen van naar schatting een jaar of achttien met een zeer opvallend gedrag, hij liep maar wat heen en weer met een dikke boomtak van ongeveer 75 Cm. Het was zichtbaar een zeer zwakbegaafde jongen. Ons werd verzekerd door de dames dat hij niets kwaads in de zin had, wij vonden dat wel geruststellend, want zo zag hij er niet uit. De mooie dames hadden het mis en kenden hun lieve broertje nog niet goed genoeg. Het ging ook allemaal goed tot hij ons, als nieuwkomers, in dit gezelschap ontdekte. Hij ging ineens achter mij staan en sloeg me met zijn knuppel vol op mijn achterhoofd en nog eens op mijn schouder, als ik er aan denk dan voel ik het nog. Ik weet niet meer of ik mijn glaasje grenadine nog heb opgedronken, ik denk het niet. Waarom ik niet als oorlogsgewonde in aanmerking kom, begrijp ik niet. De enigste veilige plek was de BUS, we zijn er dan ook nooit weer geweest . Dit soort vrijetijdsontspanning hoefde niet meer.

Beal 906 - 1007