Opleiding en vertrek

2 Okt. 1945 en 2 Mei 1946  -  5 Febr. 1950

 

In April 1946 werd de eerste naoorlogse lichting dienstplichtigen opgeroepen voor  dienstneming in het Nederlandse leger. 2 Mei 1946 trokken velen uit alle hoeken van het land, richting Harderwijk, om daar dienst te nemen bij het korps ( A.A.T. ) Aan en Afvoer Troepen, dat gelegerd was in de Willem George Frederik (W.G.F.) kazerne. Het kader, O.V.W.ers, reserve en beroeps, personeel had de opleiding in Engeland voltooid en was gereed om de lichting 1925 het soldatenvak te leren. Na de eerste zes weken of wel de primerytraining, werd over gegaan op de Korpstraining. Deze bestond uit auto en motor kennis en vervolgens de rijlessen in de drietonners. Oefenterrein: De Noordelijke Veluwe. Ondanks het gebrek aan vrijwel alles werd er intensief getraind en werd het ook steeds duidelijker dat onze bestemming Nederlands-Indië zou worden.

 

    

Vertrek en Reis.

Bij Koninklijk besluit werd op 1 September 1946 de Divisie opgericht en had H.M. Koningin Wilhelmina de Divisie de naam “7 December “gegeven, memorerend aan haar toespraak op 7 Dec. 1942.

Na de nodige inentingen gingen we met inschepigsverlof en werden de laatste voorbereidingen getroffen voor het vertrek . Dinsdag 24 September 1946 ’s morgens om 3.30 u. reveille en om 6.00 u. gepakt op het appèl, 6.30 u. afmars naar het station in Harderwijk, waar we om 5.00 u. vertrokken richting Amsterdam. Daar werden we ingescheept op het “MS Bossevain “ en in de namiddag gingen we varen . Omstreeks 8.00 u. IJmuiden gepasseerd en waren we op de grote plas . Na een niet al te woelige zeereis passeerden we zaterdag 28 Sept.

Gibraltar en zijn we in de Middellandse Zee . De temperatuur werd aangenamer, maar in de ruimen waar wij verbleven werd het steeds benauwder. Donderdag 3 Okt. voeren we het Suez-kanaal in en werd  er in Port-Said gebunkerd , en wij ontvingen daar de eerste post van thuis , en maakten kennis met de Oosterse handel.  Na de Bittermeren en de Golf van Aden passeerden we op Zaterdag 5 Okt. de keerkring. Vervolgens de Indische Oceaan op waar we 12 dagen uitzicht hadden op water en lucht en lucht en water. Tijdens de reis krijgen we voorlichting over het verblijf in de tropen, over eten en drinken , ziekten enz. 15 Okt. bereiken we het eilandje Pulu Weh op de noordelijkste punt van Sumatra met de havenplaats Sabang, hier mochten we een dag passagieren en raken onder de indruk van dit mooie eiland . We ontmoeten hier ook de eerste Japanse krijgsgevangenen. Zaterdag 19 Okt.1946 aankomst in Tandjong Priok . we hebben toen 27 dagen en nachten gevaren . Hier werden we o.a. verwelkomt door onze kwartiermakers die begin Sept. al met de “Klipfontijn” waren vertrokken. Na debarkatie werden we per drietonner naar onze locatie in Batavia gebracht. Onze Compagnie kwam terecht in het oude Paleis van Justitie In de benedenstad.

 

Het verblijf in de tropen.

Zondag 20 Okt. vrij van dienst werd de tijd besteed met brieven schrijven en de omgeving verkennen. Maar Maandag was het gebeurd met de rust en konden we om 7.30 u. beginnen met de werkzaamheden.  Deze bestonden uit het rijklaar maken van de aanwezige Ford drietonners , met minimale middelen . Maandag 28 Okt. verhuizen we naar Buitenzorg. Tijd om wat te acclimatiseren werd ons niet gegund , en warm dat we het hadden  ! ! Na ruim drie uur rijden ( afstand ± 60 km.) over een erbarmelijke slechte weg, arriveerden we in Buitenzorg, waar ieder peloton zijn eigen locatie kreeg. De algemene toestand is zeer gespannen en alle belangrijke punten zijn in handen van de tegenstander.  Voor ons werd gelijk een avondklok ingesteld. Op 6 Nov. 1946 nam Kolonel Thomson, commandant van de 1e Inf, Brig.het commando over van de Engelsen. Schiet incidenten waren er dagelijks , evenzo brandstichtingen en plunderingen. Tot grote woede van de tegenpartij werden steeds meer objecten gewapenderhand overgenomen, zoals het station de telefooncentrale enz. Ondanks de vele protesten kreeg de 1e Inf. Brig. steeds meer vat op de stad en begon de bevolking onze aanwezigheid steeds meer te waarderen. Intussen is een ieder aan het werk;  de staf voor de administratie,  de werkplaats voor onderhoud en reparatie , de verzorging met hun eigen bakkerij en slagerij voor de voeding van de brigade, en voor wat een leger zoal nog meer nodig heeft .  De transport pelotons A. en B. vervoeren alles wat nodig  was om een  brigade te laten functioneren. Buitenzorg is voor onze Compagnie steeds de basis gebleven, was het in het begin verre van aangenaam, halverwege 1947 werd het steeds beter en was het er aangenaam toeven, zoals b.v. in de plantentuin waar we veel hebben gewandeld.

De terugreis in December 1949.

Na veel klein en grote acties en het politieke geharrewar werd de stemming minder en het verlangen naar Nederland steeds groter. Maar na veel geruchten was het dan in Okt `49 zover dat we ons gereed maakten voor de thuisvaart. 10 November vertrokken we uit Buitenzorg naar Batavia, waar we in kamp Makassar terecht kwamen. Dit zou je een doorgangskamp kunnen noemen. Niet een begerenswaardige locatie, maar het vooruitzicht van de thuisreis maakte veel goed, in dit kamp moesten we wachten op het sein voor vertrek en brachten de tijd door met niets doen, en vervelen dus. Vrijdag 25 Nov. Gingen we aan boord van de Kota inten, en met enig ceremonieel vertrokken we op Zaterdag 26 Nov `49 rond 13.00u. werd de verbinding met Nederlands Indië verbroken, met blijdschap dat we naar huis gingen en met weemoed wat we achterlieten. De vijf vrienden die we achterlieten op het Ereveld Menteng Pulu . Rond 5 Dec. Door het Suez kanaal en op 24 Dec `49 meerde de Kota Inten weer af in Rotterdam. Na een afwezigheid van drie jaar en drie maanden waren we weer terug in Nederland en werden per bus naar huis gebracht, met een verlofpas en vrijvervoer voor 6 weken.  5 Febr. 1950 werden we gedemobiliseerd en moesten we weer proberen gewone mensen te worden.  

Reünies Herdenkingen.

In de zomer van 1977 werd onze 1e reünie georganiseerd door Coen van Hoogdalem In de W.G.F. kazerne. Het duurde tot 1991 tot er weer een reünie kwm, sinds die tijd houden we zoveel mogelijk onze jaarlijkse reünie.  Naast onze reünies worden op “7 Dec. “ de gevallenen herdacht.  

PKl.-BeAl804